Loading ...
Sorry, an error occurred while loading the content.

schoenmakersvak

Expand Messages
  • W.Wijngaarden
    Hallo allemaal, Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen. en verder: Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen een
    Message 1 of 20 , Dec 24, 2004
    • 0 Attachment
      Hallo allemaal,

      Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.

      en verder:

      Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen een vak (ambacht ) van vader op zoon
      doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht ? Weet iemand dat?
      Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij dan aan die titel?
      Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?

      Wim

      [Non-text portions of this message have been removed]
    • Harry van Deelen
      Wim, Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen) en steden.
      Message 2 of 20 , Dec 25, 2004
      • 0 Attachment
        Wim,
        Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen) en steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter zijn. Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende persoon kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts op regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van een andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk terplaatse, dat was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven worden in de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te zoeken. Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in de stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben gebracht, vanuit het zuiden.

        Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit Spanje en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp. koning tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er veel ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men daar onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de Grote, had een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe heeft hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier als heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat hield in die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het heilige Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30% belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer hoger voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken. ALhier waren ze heel welkom.

        Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde volgens de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en het Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde hoeveel meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een tijdje geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de verzekeraars). Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen. Zo een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal 50 gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische beroepen kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar. De andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de vrouwen gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die hoedanigheid kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem toestond en hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging doen, dan kon hij dit van hem overnemen.

        Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v. Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar nog een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook dat als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus de Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te kort had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die vrijgezellen die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon zo een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester dit toestond.

        U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als hun het geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar oudere vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op het bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien, dat moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die voorlopig het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester twee zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan ook door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende boven 500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk ook maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
        Harry van Deelen
        ----- Original Message -----
        From: W.Wijngaarden
        To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
        Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
        Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


        Hallo allemaal,

        Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.

        en verder:

        Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen een vak (ambacht ) van vader op zoon
        doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht ? Weet iemand dat?
        Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij dan aan die titel?
        Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?

        Wim

        [Non-text portions of this message have been removed]


        Yahoo! Groups Sponsor
        ADVERTISEMENT





        ------------------------------------------------------------------------------
        Yahoo! Groups Links

        a.. To visit your group on the web, go to:
        http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

        b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
        groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com

        c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of Service.




        [Non-text portions of this message have been removed]
      • gerberk
        Beste Wim, Vaak werd het van vader op zoon doorgegeven, maar niet noodzakelijkerwijs. Het beroepsonderwijs heeft lang gefunctioneerd volgens het Middeleeuwse
        Message 3 of 20 , Dec 27, 2004
        • 0 Attachment
          Beste Wim,

          Vaak werd het van vader op zoon doorgegeven, maar niet noodzakelijkerwijs.
          Het beroepsonderwijs heeft lang gefunctioneerd volgens het Middeleeuwse
          stelsel: leermeester-gezel. De restanten daarvan vind je in deze tijd nog
          steeds terug. Als je voorvader meester was, had hij een proefstuk gemaakt,
          en was hij als meester erkend door vakgenoten. Niets nieuws onder de zon,
          wat dat betreft.
          Wat je regelmatig ziet gebeuren is dat de weduwe, als de meester
          (schoenmaker, kuiper, bakker) sterft, huwt met zijn gezel om het bedrijf
          voort te zetten.

          Groet,
          Gerda Herder
        • W.Wijngaarden
          Hallo Harry van Deelen, Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen terug. Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een
          Message 4 of 20 , Dec 27, 2004
          • 0 Attachment
            Hallo Harry van Deelen,

            Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen terug.
            Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een bevoorrechte positie
            die door de goodwill van een ambachtsorde wordt toegekend eventueel tegen
            betaling van een som geld.
            Die Jan Pieters ( mijn voorvader) had zijn meesters titel dus door toe doen
            van een schoenmakers-gilde
            verkregen. Hij zou dus wellicht in de boeken van het schoenmakers gilde ,
            die hem de titel verleende
            geregistreerd kunnen staan.
            Ik zoek namelijk naar een methode om hem op te sporen , om meer gegevens
            over hem te krijgen.
            Kun jij het met deze conclusie eens zijn ?

            groeten, Wim


            ----- Original Message -----
            From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
            To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
            Sent: Saturday, December 25, 2004 12:20 PM
            Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


            >
            > Wim,
            > Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden
            uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen) en
            steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter zijn.
            Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de
            stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende persoon
            kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct
            volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts op
            regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van een
            andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk terplaatse, dat
            was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven worden in
            de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te zoeken.
            Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in de
            stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die
            vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben
            gebracht, vanuit het zuiden.
            >
            > Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar
            daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit Spanje
            en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp. koning
            tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er veel
            ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men daar
            onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de Grote, had
            een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe heeft
            hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier als
            heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat hield in
            die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het heilige
            Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30%
            belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer hoger
            voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken.
            ALhier waren ze heel welkom.
            >
            > Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde volgens
            de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en het
            Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde hoeveel
            meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een tijdje
            geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de verzekeraars).
            Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen. Zo
            een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn
            vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal 50
            gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische beroepen
            kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse
            gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar. De
            andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor
            Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort
            meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de vrouwen
            gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die hoedanigheid
            kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem toestond en
            hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging doen,
            dan kon hij dit van hem overnemen.
            >
            > Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de
            kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v.
            Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar nog
            een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook dat
            als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een
            vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort
            reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus de
            Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje
            opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te kort
            had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die vrijgezellen
            die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon zo
            een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester dit
            toestond.
            >
            > U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere
            biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als hun het
            geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar oudere
            vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op het
            bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien, dat
            moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die voorlopig
            het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester twee
            zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan ook
            door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende boven
            500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester
            timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk ook
            maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
            > Harry van Deelen
            > ----- Original Message -----
            > From: W.Wijngaarden
            > To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
            > Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
            > Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
            >
            >
            > Hallo allemaal,
            >
            > Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.
            >
            > en verder:
            >
            > Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen
            een vak (ambacht ) van vader op zoon
            > doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht ?
            Weet iemand dat?
            > Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij dan
            aan die titel?
            > Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?
            >
            > Wim
            >
            > [Non-text portions of this message have been removed]
            >
            >
            > Yahoo! Groups Sponsor
            > ADVERTISEMENT
            >
            >
            >
            >
            >
            > --------------------------------------------------------------------------
            ----
            > Yahoo! Groups Links
            >
            > a.. To visit your group on the web, go to:
            > http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/
            >
            > b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
            > groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com
            >
            > c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of
            Service.
            >
            >
            >
            >
            > [Non-text portions of this message have been removed]
            >
            >
            >
            >
            >
            > Yahoo! Groups Links
            >
            >
            >
            >
            >
            >
            >
            >
            >
          • W.Wijngaarden
            Hallo Gerda Herder, Ook jij bedankt voor je opmerkingen over het Meesterschap in het gildenwezen Het meesterschap is dus een uitzondering positie, behaald na
            Message 5 of 20 , Dec 27, 2004
            • 0 Attachment
              Hallo Gerda Herder,

              Ook jij bedankt voor je opmerkingen over het Meesterschap in het gildenwezen
              Het meesterschap is dus een uitzondering positie, behaald na het doen van
              een proefstuk,
              en goed gekeurd door de overige vakgenoten uit de gilde. Een soort
              regulering van vaklieden
              binnen een regio. Zou dit voorkeursrecht, de titel meester te mogen voeren,
              niet terug te vinden
              zijn in de boeken van het schoenmakers gilde ?
              Ik wil proberen langs die weg wat meer gegevens te krijgen over die
              voorvader van mij Jan Pieters.

              met groeten Wim




              ----- Original Message -----
              From: "gerberk" <gerberk@...>
              To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
              Sent: Monday, December 27, 2004 12:11 PM
              Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


              >
              > Beste Wim,
              >
              > Vaak werd het van vader op zoon doorgegeven, maar niet noodzakelijkerwijs.
              > Het beroepsonderwijs heeft lang gefunctioneerd volgens het Middeleeuwse
              > stelsel: leermeester-gezel. De restanten daarvan vind je in deze tijd nog
              > steeds terug. Als je voorvader meester was, had hij een proefstuk gemaakt,
              > en was hij als meester erkend door vakgenoten. Niets nieuws onder de zon,
              > wat dat betreft.
              > Wat je regelmatig ziet gebeuren is dat de weduwe, als de meester
              > (schoenmaker, kuiper, bakker) sterft, huwt met zijn gezel om het bedrijf
              > voort te zetten.
              >
              > Groet,
              > Gerda Herder
              >
              >
              >
              >
              >
              >
              >
              >
              > Yahoo! Groups Links
              >
              >
              >
              >
              >
              >
              >
              >
              >
            • Harry van Deelen
              Wim, Nadat de zgn. vrije batavieren in 1795 het gildewezen verboden in de Bataafse republiek, is dit toch door blijven werken, omdat er geen ander vervangend
              Message 6 of 20 , Dec 28, 2004
              • 0 Attachment
                Wim,
                Nadat de zgn. vrije batavieren in 1795 het gildewezen verboden in de Bataafse republiek, is dit toch door blijven werken, omdat er geen ander vervangend deugdzaam systeem was. Omdat Willem I de Staatsadministratie van de Fransen wel zag zitten, het was helemaal toegelegd op de produktie van belastingcenten, waardoor een staat kon bestaan. Werd in 1828 officieel door de koning wederom het gildesysteem verboden. Ze moesten alles aan de staat afstaan. Ze hadden veel geld in de bussen (dat waren gelden dienende als verzekering bij oude dag en invaliditeit van een vol lid van dat gilde, d.w.z. leerlingen betaalde er al aan mee, gezellen in opleiding betaalde, afgestudeerde c.q. vrije gezellen (zij hadden de meesterproef met goed gevolg afgelegd, maar waren i.v.m. de economische status niet vrij om zich als meester te vestigen). Uiteindelijk ontvingen vooral de meesters een uitkering uit die bussen en de vrije gezellen volgens een soort taxatie pro rata naar hun belang en het aantal jaren werkzaamheid. Leerlingen ontvingen meestal niks.

                Als het bijvoorbeeld slecht ging met de economie, dan gingen als eerste die vrije gezellen eruit, want zij kosten geld. De leerlingen waren een vorm van inkomen en afhankelijk van de locatie mocht men er 3 tot 11 leerlingen hebben, in sommige plaatsen zelfs veel meer, bijvoorbeeld de klerenmakers, die hadden soms wel fabrieken met wel 40 tot 50 mensen. Toen men dit uiteindelijk niet wilde vanuit het gildesysteem. Hebben de eigenaren de omschrijving van deze klerenmakers gewijzigd, want als je slechts een klein onderdeel maakte viel je formeel niet onder het gilde systeem, dus dan kreeg je snijders, rijgmakers en dat soort titels, het waren vooral vrouwen, uiteindelijk mochten ook zij met een kleine inleg lid van het gilde worden, het gilde werd er namelijk rijker van en men behoefte aan die kleine leden geen bussen uitkering te doen. Veel bussen zijn van na Napoleon slinks overgegaan naar onderlinge verzekeringsmaatschappijen, ze werden vooral vaak overlijdensverzekeraar. Omdat het staatkundig een rotzooitje was, kon dit makkelijk, men vernietigde alle papieren die verbanden konden aantonen, er zijn nogal wat bestuursleden stiekem rijk geworden, werden ze erop aan gesproken dan zeiden ze dat al lange tijd er geen gilde bestond, sinds 1795.

                Zo zijn de artsen begonnen met een ziekteverzekering, het begin van de ziekenfondsen. En om even olie op het vuur te gooien, konden deze onderlinge verzekeringsmijen, wel eens de voornaamste reden zijn dat er heel veel families tussen 1810 en 1850 met heel veel jong overleden kinderen zaten (let wel ook de TBC kwam toen op en die sloeg zonder onderscheid toe ook bij het vorstenhuis). Anders gezegd er is onderzoek gedaan en nogal veel mensen konden dank zij het laten versterven (onthouden van voedsel en medicijnen) van jonge kinderen de andere kinderen in leven houden dankzij een uitkering van een leven of begravenisverzekering 20, 30, 40, 50 of 60 gulden. Daarmee werd dan een stuk land gepacht, een begrafenis kostte omstreeks 6 a 8 gulden. In ieder geval de gilde administraties zijn merkwaardig alleen nog aanwezig van de arme gilden of de gilden die het langst bestonden. Want ondanks het verbod in 1828 bestonden de laatste gilden soms nog in de zeventiger jaren v.d. negentiende eeuw. Eigenlijk zijn van daaruit de ambacht en huishoudscholen begonnen.
                Harry van Deelen
                ----- Original Message -----
                From: W.Wijngaarden
                To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                Sent: Monday, December 27, 2004 9:20 PM
                Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                Hallo Gerda Herder,

                Ook jij bedankt voor je opmerkingen over het Meesterschap in het gildenwezen
                Het meesterschap is dus een uitzondering positie, behaald na het doen van
                een proefstuk,
                en goed gekeurd door de overige vakgenoten uit de gilde. Een soort
                regulering van vaklieden
                binnen een regio. Zou dit voorkeursrecht, de titel meester te mogen voeren,
                niet terug te vinden
                zijn in de boeken van het schoenmakers gilde ?
                Ik wil proberen langs die weg wat meer gegevens te krijgen over die
                voorvader van mij Jan Pieters.

                met groeten Wim



                [Non-text portions of this message have been removed]
              • Harry van Deelen
                Wim, Als zijn vader schoenmaker was dan vielen de onkosten mee, want hij werd gewoon leerling bij zijn vader. Een meester in het gilde had recht op b.v. 10
                Message 7 of 20 , Dec 28, 2004
                • 0 Attachment
                  Wim,
                  Als zijn vader schoenmaker was dan vielen de onkosten mee, want hij werd gewoon leerling bij zijn vader. Een meester in het gilde had recht op b.v. 10 (betalende) leerlingen dus exclusief eigen kinderen. Voorts 4 gezellen in opleiding (je kunt eigenlijk de universitaire titels toepassen die van Bachelor was gezel, een volgildelid was meester, daarvoor bestond het gilde). Als hij zijn vaders bedoening overnam dan was de kostprijs anders dan thans bij een bedrijfsovername. De zoon moest zich wel inkopen, maar afhankelijk van de regio was dit een bedrag of gratis bij overname. Echter als je een vreemde was komende van een andere plaats, dan moest je van jouw kerk aldaar een indemniteitsverklaring hebben, een bewijs van goedgedrag. Daarmee kon je lidmaat worden van de kerk in de nieuwe woonplaats. Afhankelijk van de plaats was je dan half poorter, voor een bedrag van zeg 60 gulden en volpoorter voor 120 gulden. Maar er waren ook plaatsen waar dit resp. 150 gulden was voor een half poorter en 300 gulden voor een vol poorter. De zgn. Oranje staten waren bijvoorbeeld bij uitstek de plekken waarlangs veel Duitse ambachtslieden hun junckers ontvluchtte. Aangezien het Duits Oostenrijksehuis meer Oranje vorsten waren qua genen en in gradueel in erf rechten dan de enkele graven van Nassau. Ook nu nog. Breda was ook Oranjestad en daar betaalde men zich wezenloos om poorter te kunnen worden. Voor een gildelidmaatschap betaalde men daarnaast ook al gauw een jaarsalaris, ca. 300 a 500 gulden.
                  ZO als ik reeds eerder schreef, de meeste gildeboeken zijn helaas vernietigd. Wel zijn bijvoorbeeld vaak gegevens van de metaal gilden bewaard, omdat merktekens in een plaat waren geslagen. De Lucasgilden voor kunstschilders, zijn ook wel bewaard in grote steden. Ik hoop dat de gilde boeken van een kleine ambachtsplaats wel bewaard zijn, ik vrees echter dat ze er niet meer zijn.
                  Harry van Deelen
                  ----- Original Message -----
                  From: W.Wijngaarden
                  To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                  Sent: Monday, December 27, 2004 8:48 PM
                  Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                  Hallo Harry van Deelen,

                  Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen terug.
                  Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een bevoorrechte positie
                  die door de goodwill van een ambachtsorde wordt toegekend eventueel tegen
                  betaling van een som geld.
                  Die Jan Pieters ( mijn voorvader) had zijn meesters titel dus door toe doen
                  van een schoenmakers-gilde
                  verkregen. Hij zou dus wellicht in de boeken van het schoenmakers gilde ,
                  die hem de titel verleende
                  geregistreerd kunnen staan.
                  Ik zoek namelijk naar een methode om hem op te sporen , om meer gegevens
                  over hem te krijgen.
                  Kun jij het met deze conclusie eens zijn ?

                  groeten, Wim


                  ----- Original Message -----
                  From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
                  To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                  Sent: Saturday, December 25, 2004 12:20 PM
                  Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                  >
                  > Wim,
                  > Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden
                  uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen) en
                  steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter zijn.
                  Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de
                  stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende persoon
                  kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct
                  volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts op
                  regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van een
                  andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk terplaatse, dat
                  was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven worden in
                  de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te zoeken.
                  Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in de
                  stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die
                  vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben
                  gebracht, vanuit het zuiden.
                  >
                  > Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar
                  daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit Spanje
                  en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp. koning
                  tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er veel
                  ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men daar
                  onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de Grote, had
                  een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe heeft
                  hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier als
                  heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat hield in
                  die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het heilige
                  Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30%
                  belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer hoger
                  voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken.
                  ALhier waren ze heel welkom.
                  >
                  > Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde volgens
                  de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en het
                  Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde hoeveel
                  meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een tijdje
                  geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de verzekeraars).
                  Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen. Zo
                  een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn
                  vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal 50
                  gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische beroepen
                  kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse
                  gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar. De
                  andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor
                  Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort
                  meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de vrouwen
                  gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die hoedanigheid
                  kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem toestond en
                  hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging doen,
                  dan kon hij dit van hem overnemen.
                  >
                  > Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de
                  kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v.
                  Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar nog
                  een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook dat
                  als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een
                  vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort
                  reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus de
                  Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje
                  opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te kort
                  had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die vrijgezellen
                  die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon zo
                  een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester dit
                  toestond.
                  >
                  > U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere
                  biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als hun het
                  geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar oudere
                  vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op het
                  bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien, dat
                  moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die voorlopig
                  het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester twee
                  zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan ook
                  door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende boven
                  500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester
                  timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk ook
                  maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
                  > Harry van Deelen
                  > ----- Original Message -----
                  > From: W.Wijngaarden
                  > To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                  > Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
                  > Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                  >
                  >
                  > Hallo allemaal,
                  >
                  > Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.
                  >
                  > en verder:
                  >
                  > Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen
                  een vak (ambacht ) van vader op zoon
                  > doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht ?
                  Weet iemand dat?
                  > Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij dan
                  aan die titel?
                  > Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?
                  >
                  > Wim
                  >
                  > [Non-text portions of this message have been removed]
                  >
                  >
                  > Yahoo! Groups Sponsor
                  > ADVERTISEMENT
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >
                  > --------------------------------------------------------------------------
                  ----
                  > Yahoo! Groups Links
                  >
                  > a.. To visit your group on the web, go to:
                  > http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/
                  >
                  > b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                  > groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com
                  >
                  > c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of
                  Service.
                  >
                  >
                  >
                  >
                  > [Non-text portions of this message have been removed]
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >
                  > Yahoo! Groups Links
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >
                  >


                  Yahoo! Groups Sponsor
                  ADVERTISEMENT





                  ------------------------------------------------------------------------------
                  Yahoo! Groups Links

                  a.. To visit your group on the web, go to:
                  http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

                  b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                  groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com

                  c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of Service.




                  [Non-text portions of this message have been removed]
                • J. van Bolhuis
                  Wim, Voor je blij wordt gemaakt met een dode mus: Je voorvader woonde in Pieterzijl. Gilden kwamen bij mijn weten alleen in de stad Groningen voor, en de stad
                  Message 8 of 20 , Dec 28, 2004
                  • 0 Attachment
                    Wim,

                    Voor je blij wordt gemaakt met een dode mus: Je voorvader woonde in
                    Pieterzijl. Gilden kwamen bij mijn weten alleen in de stad Groningen
                    voor, en de stad waakte er angstvallig voor dat zich een industrie
                    ontwikkelde in de Ommelanden of het Oldambt. Daar mocht alleen voor
                    lokale vraag geproduceerd worden (schoenmaker, bakker, smid e.d.). We
                    kunnen dus aannemen dat hij geen lid was van een gilde, en dat hij de
                    titel meester zichzelf heeft aangemeten, of dat die, als beleefdheid
                    door zijn omgeving werd gebruikt want niet ongewoon is.

                    Met vriendelijke groet,
                    Jan van Bolhuis
                    http://home.planet.nl/~van.bolhuis

                    W.Wijngaarden wrote:

                    >Hallo Harry van Deelen,
                    >
                    >Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen terug.
                    >Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een bevoorrechte positie
                    >die door de goodwill van een ambachtsorde wordt toegekend eventueel tegen
                    >betaling van een som geld.
                    >Die Jan Pieters ( mijn voorvader) had zijn meesters titel dus door toe doen
                    >van een schoenmakers-gilde
                    >verkregen. Hij zou dus wellicht in de boeken van het schoenmakers gilde ,
                    >die hem de titel verleende
                    >geregistreerd kunnen staan.
                    >Ik zoek namelijk naar een methode om hem op te sporen , om meer gegevens
                    >over hem te krijgen.
                    >Kun jij het met deze conclusie eens zijn ?
                    >
                    >groeten, Wim
                    >
                    >
                    >----- Original Message -----
                    >From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
                    >To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                    >Sent: Saturday, December 25, 2004 12:20 PM
                    >Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                    >
                    >
                    >
                    >
                    >>Wim,
                    >>Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden
                    >>
                    >>
                    >uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen) en
                    >steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter zijn.
                    >Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de
                    >stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende persoon
                    >kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct
                    >volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts op
                    >regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van een
                    >andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk terplaatse, dat
                    >was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven worden in
                    >de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te zoeken.
                    >Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in de
                    >stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die
                    >vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben
                    >gebracht, vanuit het zuiden.
                    >
                    >
                    >>Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar
                    >>
                    >>
                    >daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit Spanje
                    >en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp. koning
                    >tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er veel
                    >ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men daar
                    >onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de Grote, had
                    >een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe heeft
                    >hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier als
                    >heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat hield in
                    >die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het heilige
                    >Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30%
                    >belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer hoger
                    >voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken.
                    >ALhier waren ze heel welkom.
                    >
                    >
                    >>Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde volgens
                    >>
                    >>
                    >de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en het
                    >Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde hoeveel
                    >meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een tijdje
                    >geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de verzekeraars).
                    >Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen. Zo
                    >een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn
                    >vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal 50
                    >gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische beroepen
                    >kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse
                    >gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar. De
                    >andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor
                    >Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort
                    >meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de vrouwen
                    >gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die hoedanigheid
                    >kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem toestond en
                    >hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging doen,
                    >dan kon hij dit van hem overnemen.
                    >
                    >
                    >>Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de
                    >>
                    >>
                    >kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v.
                    >Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar nog
                    >een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook dat
                    >als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een
                    >vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort
                    >reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus de
                    >Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje
                    >opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te kort
                    >had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die vrijgezellen
                    >die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon zo
                    >een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester dit
                    >toestond.
                    >
                    >
                    >>U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere
                    >>
                    >>
                    >biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als hun het
                    >geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar oudere
                    >vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op het
                    >bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien, dat
                    >moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die voorlopig
                    >het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester twee
                    >zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan ook
                    >door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende boven
                    >500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester
                    >timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk ook
                    >maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
                    >
                    >
                    >>Harry van Deelen
                    >> ----- Original Message -----
                    >> From: W.Wijngaarden
                    >> To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                    >> Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
                    >> Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                    >>
                    >>
                    >> Hallo allemaal,
                    >>
                    >> Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.
                    >>
                    >> en verder:
                    >>
                    >> Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen
                    >>
                    >>
                    >een vak (ambacht ) van vader op zoon
                    >
                    >
                    >> doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht ?
                    >>
                    >>
                    >Weet iemand dat?
                    >
                    >
                    >> Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij dan
                    >>
                    >>
                    >aan die titel?
                    >
                    >
                    >> Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?
                    >>
                    >> Wim
                    >>
                    >>
                    >
                    >
                    >
                    >
                  • Harry van Deelen
                    Ik meen dat ik vermeld had dat de gilden ook tegen een industrie waren. Ik noemde de klerenmakers als voorbeeld. En misschien bakken wij thans wel eens een
                    Message 9 of 20 , Dec 29, 2004
                    • 0 Attachment
                      Ik meen dat ik vermeld had dat de gilden ook tegen een industrie waren. Ik noemde de klerenmakers als voorbeeld. En misschien bakken wij thans wel eens een brood in een broodmachine, toen was dat er niet. Een schoenmaker, bakker of smit, dat waren geen goedbedoelende amateurs zoals je ze tegenwoordig wel ziet op ambachtsmarkten. Ze hadden een opleiding gehad, want de kennis kwam je niet zo maar aanwaaien. Anders konden b.v. de schepen van al die Groninger schippers nooit gebouwd zijn. Je ziet ver na Napoleon en dan bedoel ik ook na 1828 dat zich in dorpskernen zich boeren er een baantje naast namen en zich dan bakker noemde. Soms waren ze goed, maar vaker hield hun könst op bij het maken van een ordinaire dwz. gewone broodbol. Dat gebeurde ook met schoenenlappers, ook zo een uitdrukking van een onvolledig opgeleide schoenmaker, ééntje die alleen maar oplapte, dit was vaak erg optisch, want het werkstuk viel van ellende uit elkaar. Je moest weten wat te lijmen viel want ingevet leer liet zich moeilijk lijmen. Na Napoleon zie je dat er zogenaamde specialisten ontstaan, want zoals zijn leger materialen er door joeg. Dit kon alleen maar fabrieksmatig gemaakt worden. Je ziet dan bij kledingmakers, snijders en lijfrijgmakers, bij de houtbewerkers draaiers, verlijmers en lakkers. Nog later in het begin v.d. 20ste eeuw moesten deze specialisten een zekere theoretische kennis van zaken hebben. Beleefdheden werden wel uitgewisseld, maar dergelijke titels waren toen echt alleen maar voor de hoogste sociale kaders. Een leuk verhaal waarin dit is vermeld, is dat van het reisverhaal 'van Lennep' en vrienden op hun reis door de Nederlanden. Voor 1795 durfden de meeste zich niet te sieren met een titel die ze niet verdiende. Ik denk dat de armen van bepaalde gilden verder rijkte dan Groningen en ook al was het meest nabije gilde wat verder weg, ik vermoed dat onze meester dan ongetwijffeld elders zijn vakmanschap heeft bewezen. Heb je er ook wel eens aan gedacht dat hij uit de stad Groningen zelf kon zijn gekomen?
                      Harry van Deelen


                      ----- Original Message -----
                      From: J. van Bolhuis
                      To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                      Sent: Tuesday, December 28, 2004 4:09 PM
                      Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                      Wim,

                      Voor je blij wordt gemaakt met een dode mus: Je voorvader woonde in
                      Pieterzijl. Gilden kwamen bij mijn weten alleen in de stad Groningen
                      voor, en de stad waakte er angstvallig voor dat zich een industrie
                      ontwikkelde in de Ommelanden of het Oldambt. Daar mocht alleen voor
                      lokale vraag geproduceerd worden (schoenmaker, bakker, smid e.d.). We
                      kunnen dus aannemen dat hij geen lid was van een gilde, en dat hij de
                      titel meester zichzelf heeft aangemeten, of dat die, als beleefdheid
                      door zijn omgeving werd gebruikt want niet ongewoon is.

                      Met vriendelijke groet,
                      Jan van Bolhuis
                      http://home.planet.nl/~van.bolhuis

                      W.Wijngaarden wrote:

                      >Hallo Harry van Deelen,
                      >
                      >Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen terug.
                      >Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een bevoorrechte positie
                      >die door de goodwill van een ambachtsorde wordt toegekend eventueel tegen
                      >betaling van een som geld.
                      >Die Jan Pieters ( mijn voorvader) had zijn meesters titel dus door toe doen
                      >van een schoenmakers-gilde
                      >verkregen. Hij zou dus wellicht in de boeken van het schoenmakers gilde ,
                      >die hem de titel verleende
                      >geregistreerd kunnen staan.
                      >Ik zoek namelijk naar een methode om hem op te sporen , om meer gegevens
                      >over hem te krijgen.
                      >Kun jij het met deze conclusie eens zijn ?
                      >
                      >groeten, Wim
                      >
                      >
                      >----- Original Message -----
                      >From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
                      >To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                      >Sent: Saturday, December 25, 2004 12:20 PM
                      >Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                      >
                      >
                      >
                      >
                      >>Wim,
                      >>Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden
                      >>
                      >>
                      >uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen) en
                      >steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter zijn.
                      >Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de
                      >stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende persoon
                      >kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct
                      >volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts op
                      >regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van een
                      >andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk terplaatse, dat
                      >was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven worden in
                      >de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te zoeken.
                      >Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in de
                      >stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die
                      >vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben
                      >gebracht, vanuit het zuiden.
                      >
                      >
                      >>Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar
                      >>
                      >>
                      >daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit Spanje
                      >en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp. koning
                      >tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er veel
                      >ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men daar
                      >onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de Grote, had
                      >een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe heeft
                      >hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier als
                      >heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat hield in
                      >die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het heilige
                      >Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30%
                      >belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer hoger
                      >voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken.
                      >ALhier waren ze heel welkom.
                      >
                      >
                      >>Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde volgens
                      >>
                      >>
                      >de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en het
                      >Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde hoeveel
                      >meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een tijdje
                      >geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de verzekeraars).
                      >Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen. Zo
                      >een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn
                      >vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal 50
                      >gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische beroepen
                      >kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse
                      >gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar. De
                      >andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor
                      >Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort
                      >meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de vrouwen
                      >gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die hoedanigheid
                      >kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem toestond en
                      >hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging doen,
                      >dan kon hij dit van hem overnemen.
                      >
                      >
                      >>Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de
                      >>
                      >>
                      >kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v.
                      >Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar nog
                      >een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook dat
                      >als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een
                      >vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort
                      >reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus de
                      >Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje
                      >opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te kort
                      >had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die vrijgezellen
                      >die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon zo
                      >een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester dit
                      >toestond.
                      >
                      >
                      >>U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere
                      >>
                      >>
                      >biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als hun het
                      >geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar oudere
                      >vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op het
                      >bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien, dat
                      >moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die voorlopig
                      >het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester twee
                      >zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan ook
                      >door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende boven
                      >500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester
                      >timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk ook
                      >maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
                      >
                      >
                      >>Harry van Deelen
                      >> ----- Original Message -----
                      >> From: W.Wijngaarden
                      >> To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                      >> Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
                      >> Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                      >>
                      >>
                      >> Hallo allemaal,
                      >>
                      >> Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.
                      >>
                      >> en verder:
                      >>
                      >> Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat alleen
                      >>
                      >>
                      >een vak (ambacht ) van vader op zoon
                      >
                      >
                      >> doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht ?
                      >>
                      >>
                      >Weet iemand dat?
                      >
                      >
                      >> Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij dan
                      >>
                      >>
                      >aan die titel?
                      >
                      >
                      >> Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?
                      >>
                      >> Wim
                      >>
                      >>
                      >
                      >
                      >
                      >



                      Yahoo! Groups Sponsor
                      ADVERTISEMENT





                      ------------------------------------------------------------------------------
                      Yahoo! Groups Links

                      a.. To visit your group on the web, go to:
                      http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

                      b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                      groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com

                      c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of Service.




                      [Non-text portions of this message have been removed]
                    • Grunninger
                      Begint dit weer! ... From: Harry van Deelen To: Sent: Wednesday, December 29, 2004 1:05 PM
                      Message 10 of 20 , Dec 29, 2004
                      • 0 Attachment
                        Begint dit weer!

                        ----- Original Message -----
                        From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
                        To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                        Sent: Wednesday, December 29, 2004 1:05 PM
                        Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak




                        Ik meen dat ik vermeld had dat de gilden ook tegen een industrie waren. Ik
                        noemde de klerenmakers als voorbeeld. En misschien bakken wij thans wel eens
                        een brood in een broodmachine, toen was dat er niet. Een schoenmaker, bakker
                        of smit, dat waren geen goedbedoelende amateurs zoals je ze tegenwoordig wel
                        ziet op ambachtsmarkten. Ze hadden een opleiding gehad, want de kennis kwam
                        je niet zo maar aanwaaien. Anders konden b.v. de schepen van al die
                        Groninger schippers nooit gebouwd zijn. Je ziet ver na Napoleon en dan
                        bedoel ik ook na 1828 dat zich in dorpskernen zich boeren er een baantje
                        naast namen en zich dan bakker noemde. Soms waren ze goed, maar vaker hield
                        hun könst op bij het maken van een ordinaire dwz. gewone broodbol. Dat
                        gebeurde ook met schoenenlappers, ook zo een uitdrukking van een onvolledig
                        opgeleide schoenmaker, ééntje die alleen maar oplapte, dit was vaak erg
                        optisch, want het werkstuk viel van ellende uit elkaar. Je moest weten wat
                        te lijmen viel want ingevet leer liet zich moeilijk lijmen. Na Napoleon zie
                        je dat er zogenaamde specialisten ontstaan, want zoals zijn leger materialen
                        er door joeg. Dit kon alleen maar fabrieksmatig gemaakt worden. Je ziet dan
                        bij kledingmakers, snijders en lijfrijgmakers, bij de houtbewerkers
                        draaiers, verlijmers en lakkers. Nog later in het begin v.d. 20ste eeuw
                        moesten deze specialisten een zekere theoretische kennis van zaken hebben.
                        Beleefdheden werden wel uitgewisseld, maar dergelijke titels waren toen echt
                        alleen maar voor de hoogste sociale kaders. Een leuk verhaal waarin dit is
                        vermeld, is dat van het reisverhaal 'van Lennep' en vrienden op hun reis
                        door de Nederlanden. Voor 1795 durfden de meeste zich niet te sieren met een
                        titel die ze niet verdiende. Ik denk dat de armen van bepaalde gilden verder
                        rijkte dan Groningen en ook al was het meest nabije gilde wat verder weg, ik
                        vermoed dat onze meester dan ongetwijffeld elders zijn vakmanschap heeft
                        bewezen. Heb je er ook wel eens aan gedacht dat hij uit de stad Groningen
                        zelf kon zijn gekomen?
                        Harry van Deelen


                        ----- Original Message -----
                        From: J. van Bolhuis
                        To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                        Sent: Tuesday, December 28, 2004 4:09 PM
                        Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                        Wim,

                        Voor je blij wordt gemaakt met een dode mus: Je voorvader woonde in
                        Pieterzijl. Gilden kwamen bij mijn weten alleen in de stad Groningen
                        voor, en de stad waakte er angstvallig voor dat zich een industrie
                        ontwikkelde in de Ommelanden of het Oldambt. Daar mocht alleen voor
                        lokale vraag geproduceerd worden (schoenmaker, bakker, smid e.d.). We
                        kunnen dus aannemen dat hij geen lid was van een gilde, en dat hij de
                        titel meester zichzelf heeft aangemeten, of dat die, als beleefdheid
                        door zijn omgeving werd gebruikt want niet ongewoon is.

                        Met vriendelijke groet,
                        Jan van Bolhuis
                        http://home.planet.nl/~van.bolhuis

                        W.Wijngaarden wrote:

                        >Hallo Harry van Deelen,
                        >
                        >Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen
                        terug.
                        >Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een bevoorrechte
                        positie
                        >die door de goodwill van een ambachtsorde wordt toegekend eventueel tegen
                        >betaling van een som geld.
                        >Die Jan Pieters ( mijn voorvader) had zijn meesters titel dus door toe
                        doen
                        >van een schoenmakers-gilde
                        >verkregen. Hij zou dus wellicht in de boeken van het schoenmakers gilde ,
                        >die hem de titel verleende
                        >geregistreerd kunnen staan.
                        >Ik zoek namelijk naar een methode om hem op te sporen , om meer gegevens
                        >over hem te krijgen.
                        >Kun jij het met deze conclusie eens zijn ?
                        >
                        >groeten, Wim
                        >
                        >
                        >----- Original Message -----
                        >From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
                        >To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                        >Sent: Saturday, December 25, 2004 12:20 PM
                        >Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                        >
                        >
                        >
                        >
                        >>Wim,
                        >>Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden
                        >>
                        >>
                        >uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten (dorpen)
                        en
                        >steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter zijn.
                        >Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de
                        >stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende
                        persoon
                        >kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct
                        >volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts op
                        >regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van
                        een
                        >andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk terplaatse,
                        dat
                        >was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven worden
                        in
                        >de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te zoeken.
                        >Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in de
                        >stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die
                        >vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben
                        >gebracht, vanuit het zuiden.
                        >
                        >
                        >>Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar
                        >>
                        >>
                        >daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit
                        Spanje
                        >en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp.
                        koning
                        >tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er veel
                        >ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men
                        daar
                        >onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de Grote,
                        had
                        >een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe
                        heeft
                        >hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier als
                        >heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat hield
                        in
                        >die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het
                        heilige
                        >Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30%
                        >belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer hoger
                        >voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken.
                        >ALhier waren ze heel welkom.
                        >
                        >
                        >>Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde
                        volgens
                        >>
                        >>
                        >de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en
                        het
                        >Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde hoeveel
                        >meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een tijdje
                        >geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de
                        verzekeraars).
                        >Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen.
                        Zo
                        >een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn
                        >vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal
                        50
                        >gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische
                        beroepen
                        >kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse
                        >gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar. De
                        >andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor
                        >Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort
                        >meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de vrouwen
                        >gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die hoedanigheid
                        >kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem toestond
                        en
                        >hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging
                        doen,
                        >dan kon hij dit van hem overnemen.
                        >
                        >
                        >>Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de
                        >>
                        >>
                        >kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v.
                        >Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar
                        nog
                        >een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook dat
                        >als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een
                        >vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort
                        >reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus
                        de
                        >Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje
                        >opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te
                        kort
                        >had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die vrijgezellen
                        >die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon
                        zo
                        >een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester dit
                        >toestond.
                        >
                        >
                        >>U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere
                        >>
                        >>
                        >biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als hun
                        het
                        >geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar oudere
                        >vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op het
                        >bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien,
                        dat
                        >moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die
                        voorlopig
                        >het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester twee
                        >zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan
                        ook
                        >door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende
                        boven
                        >500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester
                        >timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk
                        ook
                        >maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
                        >
                        >
                        >>Harry van Deelen
                        >> ----- Original Message -----
                        >> From: W.Wijngaarden
                        >> To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                        >> Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
                        >> Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                        >>
                        >>
                        >> Hallo allemaal,
                        >>
                        >> Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.
                        >>
                        >> en verder:
                        >>
                        >> Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat
                        alleen
                        >>
                        >>
                        >een vak (ambacht ) van vader op zoon
                        >
                        >
                        >> doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat ambacht
                        ?
                        >>
                        >>
                        >Weet iemand dat?
                        >
                        >
                        >> Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij
                        dan
                        >>
                        >>
                        >aan die titel?
                        >
                        >
                        >> Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij helpen?
                        >>
                        >> Wim
                        >>
                        >>
                        >
                        >
                        >
                        >



                        Yahoo! Groups Sponsor
                        ADVERTISEMENT





                        ------------------------------------------------------------------------------
                        Yahoo! Groups Links

                        a.. To visit your group on the web, go to:
                        http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

                        b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                        groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com

                        c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of Service.




                        [Non-text portions of this message have been removed]





                        Yahoo! Groups Links
                      • W.Wijngaarden
                        Hallo Harry, Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden. Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de laatste tijd kreeg, heb ik
                        Message 11 of 20 , Jan 2, 2005
                        • 0 Attachment
                          Hallo Harry,

                          Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.

                          Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de laatste tijd kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                          hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                          Jij hebt het in je laatste verhaal over een indemniteitsverklaring. Die heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                          van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.

                          Aldus de Akte

                          Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat Jan Pieters
                          schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                          "De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als Leedemaet behoorliek
                          heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een Doopstaatzij om te mogen
                          vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert worden, hebben wij
                          zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen. Aldus afgegeven

                          Op dato Den 18 mayes 1750
                          Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                          Riender Jans als Diaken


                          Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling tot latere akten over deze Jan Pieters.
                          In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                          Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                          Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te komen over Jan Pieters via zijn vakopleiding
                          en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar is.

                          groeten Wim




                          [Non-text portions of this message have been removed]
                        • Redmer Alma
                          Beste Wim, Als kleine aanvulling op het bericht van Jan van Bolhuis (inderdaad kennen we in het Groninger platteland geen gildeorganisatie): de
                          Message 12 of 20 , Jan 3, 2005
                          • 0 Attachment
                            Beste Wim,



                            Als kleine aanvulling op het bericht van Jan van Bolhuis (inderdaad
                            kennen we in het Groninger platteland geen gildeorganisatie): de
                            meester-aanduiding bij ambachtslieden wordt volgens mij (vrij
                            willekeurig) af en toe toegepast op zelfstandige ambachtslieden en had
                            dus anders dan in steden geen juridische inhoud. Het was niet meer en
                            niet minder dan een gebruik, gebaseerd op beleefdheid, vrij van
                            pretenties.



                            Groeten,

                            Redmer Alma



                            _____

                            Van: J. van Bolhuis [mailto:j.van.bolhuis@...]
                            Verzonden: dinsdag 28 december 2004 16:10
                            Aan: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                            Onderwerp: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak



                            Wim,

                            Voor je blij wordt gemaakt met een dode mus: Je voorvader woonde in
                            Pieterzijl. Gilden kwamen bij mijn weten alleen in de stad Groningen
                            voor, en de stad waakte er angstvallig voor dat zich een industrie
                            ontwikkelde in de Ommelanden of het Oldambt. Daar mocht alleen voor
                            lokale vraag geproduceerd worden (schoenmaker, bakker, smid e.d.). We
                            kunnen dus aannemen dat hij geen lid was van een gilde, en dat hij de
                            titel meester zichzelf heeft aangemeten, of dat die, als beleefdheid
                            door zijn omgeving werd gebruikt want niet ongewoon is.

                            Met vriendelijke groet,
                            Jan van Bolhuis
                            http://home.planet.nl/~van.bolhuis

                            W.Wijngaarden wrote:

                            >Hallo Harry van Deelen,
                            >
                            >Bedankt voor je heldere uitleg over het gildenwezen van enkele eeuwen
                            terug.
                            >Als ik het goed begrepen heb,is de meesters titel een bevoorrechte
                            positie
                            >die door de goodwill van een ambachtsorde wordt toegekend eventueel
                            tegen
                            >betaling van een som geld.
                            >Die Jan Pieters ( mijn voorvader) had zijn meesters titel dus door toe
                            doen
                            >van een schoenmakers-gilde
                            >verkregen. Hij zou dus wellicht in de boeken van het schoenmakers gilde
                            ,
                            >die hem de titel verleende
                            >geregistreerd kunnen staan.
                            >Ik zoek namelijk naar een methode om hem op te sporen , om meer
                            gegevens
                            >over hem te krijgen.
                            >Kun jij het met deze conclusie eens zijn ?
                            >
                            >groeten, Wim
                            >
                            >
                            >----- Original Message -----
                            >From: "Harry van Deelen" <aa.vandeelen@...>
                            >To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                            >Sent: Saturday, December 25, 2004 12:20 PM
                            >Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                            >
                            >
                            >
                            >
                            >>Wim,
                            >>Veel beroepen mochten tot 1795 in de Nederlandse Staten alleen worden
                            >>
                            >>
                            >uitgevoerd door Gildeleden. De gilden zettelden in de Ambachten
                            (dorpen) en
                            >steden. Om lid te kunnen worden van een gilde, moest men volpoorter
                            zijn.
                            >Dat was men als je vader dit ook was, anders gezegd als je binnen de
                            >stadsmuren was geboren. Let wel ook een van een andere stad komende
                            persoon
                            >kon natuurlijk kinderen krijgen in de stad, je was dan soms niet direct
                            >volpoorter. Net zoals thans de nationaliteit, die bestond toen slechts
                            op
                            >regerings niveau, d.w.z. voor ambassadeurs en ministers. Kwam je nu van
                            een
                            >andere stad met een indemniteitsakte (afgegeven door de kerk
                            terplaatse, dat
                            >was een soort bewijs van goed gedrag), dan kon je wel ingeschreven
                            worden in
                            >de kerk van de nieuwe woonplaats en was het geoorloofd om werk te
                            zoeken.
                            >Was je bijvoorbeeld een meester ambachtsman, waarvan er nog weinig in
                            de
                            >stad waren dan kon je dit zonder meer worden. Denk maar aan al die
                            >vreemdelingen die de lakenhandel en de textiel bewerking hier hebben
                            >gebracht, vanuit het zuiden.
                            >
                            >
                            >>Veel mensen denken dan niet verder dan Vlaanderen en Frankrijk, maar
                            >>
                            >>
                            >daarvoor waren dit vaak geslachten die al eerder gevlucht waren uit
                            Spanje
                            >en dat waren vooral Maranen (joodse mensen die verplicht door de Sp.
                            koning
                            >tot de RK overtuiging waren gedwongen). In andere gevallen kwamen er
                            veel
                            >ambachtslieden uit de Duitse gebieden. Je moet namelijk weten dat men
                            daar
                            >onder een soort post feodale tijd leefde. Onze waarde Frederik de
                            Grote, had
                            >een macht nodig om op te steunen en deed dit op de Junckers. Daartoe
                            heeft
                            >hij het beperkte staatsrecht in handen gegeven, zeg maar wat wij hier
                            als
                            >heerlijke rechten kenden. Zij mochten ook de belastingen innen, dat
                            hield in
                            >die voor de kerk vanoudsher de tienden, een zelfde omvang voor het
                            heilige
                            >Duitse rijk en voorzichzelf mochten ze een gelijk bedrag innen 30%
                            >belasting. De inkomsten in de Nederlandse Staten was vaak al 3 keer
                            hoger
                            >voor een ambachtsman. Vandaar dat de inwoners graag naar hier uitweken.
                            >ALhier waren ze heel welkom.
                            >
                            >
                            >>Als je dus geen belemeringen had door de juiste geboorte en leefde
                            volgens
                            >>
                            >>
                            >de dan goede gelovige gewoonten, dan was je dus volpoorter. De stad en
                            het
                            >Ambacht werden bestuurd door leden vanuit de gilden. Zij bepaalde
                            hoeveel
                            >meesters van een bepaald ambacht werk konden vinden. (Net als een
                            tijdje
                            >geleden nog de medische specialisten, thans in handen van de
                            verzekeraars).
                            >Zij wisten dat er b.v. maar 10 meesters regelmatig werk konden krijgen.
                            Zo
                            >een meester had een opleiding gevolg, bij een andere meester, soms zijn
                            >vader. Zo een opleiding was niet gratis, je betaalde gemiddeld minimaal
                            50
                            >gulden voor de opleiding van een handvaardig ambacht (voor medische
                            beroepen
                            >kon dit al snel veel meer zijn, tot wel 400 gulden per jaar). De kortse
                            >gilde opleiding was die van huisschilder met een leertijd van 3 jaar.
                            De
                            >andere ambachten hadden een opleidings tijd van tenminste 4 jaar. Voor
                            >Artsen was die leertijd wel 6 tot 8 jaar. Dan deed je een soort
                            >meesterproef. Je werd dan Vrijgezel (jawel, dit waren de door de
                            vrouwen
                            >gezochte helden, vandaar dat wij deze uitdrukking nog in die
                            hoedanigheid
                            >kennen). Een vrijgezel kon meester worden als het gilde het hem
                            toestond en
                            >hij geld had om zich in te kopen, of als vader het rustiger aan ging
                            doen,
                            >dan kon hij dit van hem overnemen.
                            >
                            >
                            >>Vaak ging zo een vrijgezel zich elders op de hoogte stellen van de
                            >>
                            >>
                            >kundigheden van andere meesters, veel Nederlanders gingen dan naar b.v.
                            >Bentheim (zo een omgeving met veel verkeer over en weer) en volgde daar
                            nog
                            >een 1 a 2 jarige vervolg opleiding. Later in hun leven zie je dan ook
                            dat
                            >als de dagen donkeren (dan konden ze niet werken), dat ze wel eens een
                            >vakantie tocht ondernamen naar hun oude meester en kennissen. Dit soort
                            >reizen gebeurde over en weer, de economie leek hier beter dan daar, dus
                            de
                            >Nederlanders kwamen meestal weer terug (of ze moesten een vriendinnetje
                            >opdoen) en namen als het veel beter ging en men hier ambachtlieden te
                            kort
                            >had, dan hadden zij daar hun relaties. Vergeet ook niet die
                            vrijgezellen
                            >die ergens werkzaam waren, waar de meester plotseling overleed. Dan kon
                            zo
                            >een vrijgezel dit overnemen, als de echtgenote van de vorige meester
                            dit
                            >toestond.
                            >
                            >
                            >>U begrijpt dat ik geen verwijzingen hoef te maken, naar zuivere
                            >>
                            >>
                            >biologische gevoelens. Veel Vrijgezellen huwde de weduwe, vooral als
                            hun het
                            >geld ontbrak om zich in te kopen. Bedenk dat het niet alleen maar
                            oudere
                            >vrouwen waren. De kinderen die overbleven hadden de eerste rechten op
                            het
                            >bedrijf. Ook een dochter kon voor een paar jaar de zaak laten draaien,
                            dat
                            >moest elk jaar worden verlengd er moest wel een vrijgezel zijn die
                            voorlopig
                            >het bedrijf onder zich hield, tot hij geld had of een andere meester
                            twee
                            >zoons had. Een vrouw kon niet tot het gilde toetreden, kijk dat kon dan
                            ook
                            >door een huwelijk worden opgelost. Een meester Ambachtsman verdiende
                            boven
                            >500 tot 800 gulden, zoals huisschilders en schoenmakers, een meester
                            >timmerman verdiende al vaak boven de 1000 a 1200 gulden per jaar, denk
                            ook
                            >maar eens aan de scheepstimmerlui, dat waren de werf eigenaren.
                            >
                            >
                            >>Harry van Deelen
                            >> ----- Original Message -----
                            >> From: W.Wijngaarden
                            >> To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                            >> Sent: Friday, December 24, 2004 7:23 PM
                            >> Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                            >>
                            >>
                            >> Hallo allemaal,
                            >>
                            >> Allereerst fijne Kerstdagen toegewenst voor iedereen.
                            >>
                            >> en verder:
                            >>
                            >> Ik vraag me af hoe vroeger een schoenmaker werd opgeleid. Is dat
                            alleen
                            >>
                            >>
                            >een vak (ambacht ) van vader op zoon
                            >
                            >
                            >> doorgegeven? Of was er ook een opleidings Instituut voor dat
                            ambacht ?
                            >>
                            >>
                            >Weet iemand dat?
                            >
                            >
                            >> Mijn voorvader , Jan Pieters , was Meester schoenmaker Hoe kwam hij
                            dan
                            >>
                            >>
                            >aan die titel?
                            >
                            >
                            >> Hij woonde in die tijd rond 1750 in Pieterzijl Wie kan mij
                            helpen?
                            >>
                            >> Wim
                            >>
                            >>
                            >
                            >
                            >
                            >






                            Yahoo! Groups Sponsor

                            ADVERTISEMENT
                            click here
                            <http://us.ard.yahoo.com/SIG=129rif1ed/M=295196.4901138.6071305.3001176/
                            D=groups/S=1705040837:HM/EXP=1104333104/A=2128215/R=0/SIG=10se96mf6/*htt
                            p:/companion.yahoo.com>


                            <http://us.adserver.yahoo.com/l?M=295196.4901138.6071305.3001176/D=group
                            s/S=:HM/A=2128215/rand=664100916>



                            _____

                            Yahoo! Groups Links

                            * To visit your group on the web, go to:
                            http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

                            * To unsubscribe from this group, send an email to:
                            groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com
                            <mailto:groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com?subject=Unsubscr
                            ibe>

                            * Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of
                            Service <http://docs.yahoo.com/info/terms/> .



                            [Non-text portions of this message have been removed]
                          • Harry van Deelen
                            Hallo Wim, Om in de sporen van de anderen te blijven, hierbij een stukje tekst. Van J.P.Beukema in Beschrijving der stad Groningen. V. Hoofddeel. Van het jaar
                            Message 13 of 20 , Jan 3, 2005
                            • 0 Attachment
                              Hallo Wim,
                              Om in de sporen van de anderen te blijven, hierbij een stukje tekst.
                              Van J.P.Beukema in Beschrijving der stad Groningen.
                              V. Hoofddeel.
                              Van het jaar 1594 tot op den tegenwoordigen tijd (en dat was in 1821).
                              $1. Over het verschil, 't welk al lang tusschen de Groningers en Ommelanders bestaan had, werd in 1597 door de Algemene Staten uitspraak gedaan. De Stad en de Ommelanden zouden als ééne Provincie aangemerkt en door de Staten van Stad en Lande bestuurd worden, terwijl de stad het stapelregt en het voorregt van bier, onder zekere bepalingen, behield. Het klooster der Geestelijke maagden ledig staande, werd in 1599, op bevel van Burgemeesteren en Raad, geschikt gemaakt tot een Burgerweeshuis en diens kerk tot eene vergaderplaats voor de Gilden.

                              Om nog terug te komen op een ander boek, n.l. Voorouders in beeld van Teleac en CBG. blz. 150. Ik vermeld slechts onderdelen.
                              Lange tijd was nijverheid één van de nevenactiviteiten van de overwegend agrarische bevolking. In de Steden was dit anders, dus ook Groningen en de Ommelanden. Daar waren gespecialiseerde ambachtslieden georganiseerd in gilden, die toezicht hielden op prijs en de kwaliteit van de producten. Iets verderop in de tekst: in het oosten werd voornamelijk voor de interne markt geproduceerd. Na 1780 ging de handel in de Nederlanden achteruit. Het dieptepunt vormde de Franse overheersing, waarin de handel volledig stil kwam te liggen met het buitenland en trok de nijverheidssectoren mee. De Franse overheersing zorgde er wel voor dat de oude structuren werden afgebroken. De gilden werden afgeschaft en daarvoor in de plaats kwam het stelsel patentbelasting ca. 1804. Na 1813 kon nijverheid en handel zich herstellen. En op blz. 199 Gilden of geestelijke broederschappen hielden zich met armenzorg bezig.
                              Verder in het algemeen, per 1749 is b.v. het 'recht' centraal geregeld in de Groninger landen en steden. De meeste mensen zullen dit misschien vergeten, maar ook het gildebestuur moest bepaalde regelgeving overlaten aan die centrale overheid.

                              Wij stelden dus zo vast dat er Gilden waren in Groningen en dat deze onderworpen waren aan het centrale gezag aldaar, m.a.w. vakmanschap is meesterschap en werd vanuit Groningen geregeld. Als de gildenboeken in Groningen zijn vernietigd, dan veronderstel ik dat er weinig terug te vinden zal zijn. Je zou eventueel nog kunnen kijken via de Franse patentregisters, misschien dat daarin iets staat, want vaak nam men daarin de ledenadministratie over van een gilde, ik bedoel dus de vakomschrijving. En dat had minder met beleefdheid te maken alswel dat het een praktische belastingbetalerslijst was. De betrokken persoon was dus doopsgezind en werd in een nieuwe omgeving opgenomen. De mogelijkheid is aanwezig dat hij wel een opleiding heeft gevolgd, want veel doopsgezinden hadden een eigen bedoening, dus vermoedelijk ook zijn vader, dan zou hij eventueel bij zijn vader een opleiding gevolgd kunnen hebben. Als hij dus omstreeks 1785 ergens meesterschoenmaker wordt genoemd moet hij op dat moment nog altijd 'ergens' een meesterproef met succes hebben afgelegd, welke door het gildebestuur is geconformeerd en geaccepteerd. Formeel werden de gilden door de Fransen afgeschaft, maar het was een eeuwenoud daarvoor goed lopend systeem, daardoor bleven ze relatief langer bestaan, een reden waarom Willem I toen de economie ging draaien de gilden nogmaals bij wetgeving liet opheffen. Zelfs tot 1870 zijn er dan nog gilden die doordraaien.
                              Harry van Deelen
                              ----- Original Message -----
                              From: W.Wijngaarden
                              To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                              Sent: Sunday, January 02, 2005 9:27 PM
                              Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                              Hallo Harry,

                              Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.

                              Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de laatste tijd kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                              hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                              Jij hebt het in je laatste verhaal over een indemniteitsverklaring. Die heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                              van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.

                              Aldus de Akte

                              Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat Jan Pieters
                              schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                              "De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als Leedemaet behoorliek
                              heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een Doopstaatzij om te mogen
                              vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert worden, hebben wij
                              zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen. Aldus afgegeven

                              Op dato Den 18 mayes 1750
                              Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                              Riender Jans als Diaken


                              Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling tot latere akten over deze Jan Pieters.
                              In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                              Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                              Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te komen over Jan Pieters via zijn vakopleiding
                              en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar is.

                              groeten Wim




                              [Non-text portions of this message have been removed]



                              ------------------------------------------------------------------------------
                              Yahoo! Groups Links

                              a.. To visit your group on the web, go to:
                              http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

                              b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                              groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com

                              c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of Service.




                              [Non-text portions of this message have been removed]
                            • atty de waard
                              Dag Wim, Dag allemaal, De beste wensen voor 2005 en een goed zoek- en vind-jaar toegewenst. Die ondertekenende doopsgezinde leraar is mijn voorvader in rechte
                              Message 14 of 20 , Jan 3, 2005
                              • 0 Attachment
                                Dag Wim,
                                Dag allemaal,

                                De beste wensen voor 2005 en een goed zoek- en vind-jaar toegewenst.

                                Die ondertekenende doopsgezinde leraar is mijn voorvader in rechte lijn:
                                Jacob Sijmens (geslacht De Waard). Heb jij een scan van deze akte? Dan zou
                                ik die graag van je hebben (bv. als attachment naar mijn privé mail). Zo
                                niet, jammer dan .... toch een leuk stukje gechiedenis!

                                Vriendelijke groet,

                                Atty de Waard
                              • W.Wijngaarden
                                Ter attentie van Redmar Alma! ( bedankt voor je reactie ) Als op het platteland geen gildenorganisatie bestond in 1750, enkel maar in de steden, moet ik dan
                                Message 15 of 20 , Jan 6, 2005
                                • 0 Attachment
                                  Ter attentie van Redmar Alma! ( bedankt voor je reactie )

                                  Als op het platteland geen gildenorganisatie bestond in 1750, enkel maar in
                                  de steden, moet ik dan concluderen dat Jan Pieters
                                  zijn vakopleiding voor schoenmaker bij zijn vader heeft gekregen? Van zijn
                                  Vader weet ik nog helemaal niets. Eenmaal in Friesland gekomen
                                  wordt hij wel regelmatig met meester schoenmaker aangesproken.
                                  groeten van Wim

                                  Aan Jan van Bolhuis zou ik het volgende willen voorleggen.
                                  .
                                  Bij zijn komst naar Oude Bildtzijl werd Jan Pieters Liefde Prediker voor de
                                  D. gezinde gemeente aldaar. Zou hij soms daarom de titel
                                  van meester schoenmaker gekregen hebben ( of zelf aangenomen ) als kwestie
                                  van aanzien voor de gemeente? Het is maar een
                                  idee van mij. Misschien heb ik de titel van meester wat te hoog
                                  ingeschat. Maar ja je probeert van alles om een stukje verder
                                  te komen met de gechiedenis van je voorvaderen. Ik wacht maar af wat je
                                  er van vind.

                                  gegroet van Wim

                                  ----- Original Message -----
                                  From: "W.Wijngaarden" <w.wijngaarden@...>
                                  To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                                  Sent: Sunday, January 02, 2005 9:27 PM
                                  Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                                  >
                                  > Hallo Harry,
                                  >
                                  > Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.
                                  >
                                  > Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de laatste tijd
                                  kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                                  > hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                                  > Jij hebt het in je laatste verhaal over een indemniteitsverklaring. Die
                                  heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                                  > van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.
                                  >
                                  > Aldus de Akte
                                  >
                                  > Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat Jan Pieters
                                  > schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                                  > "De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als Leedemaet
                                  behoorliek
                                  > heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een
                                  Doopstaatzij om te mogen
                                  > vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert worden, hebben
                                  wij
                                  > zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen. Aldus afgegeven
                                  >
                                  > Op dato Den 18 mayes 1750
                                  > Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                                  > Riender Jans als Diaken
                                  >
                                  >
                                  > Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling tot
                                  latere akten over deze Jan Pieters.
                                  > In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                                  > Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                                  > Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te komen over
                                  Jan Pieters via zijn vakopleiding
                                  > en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar is.
                                  >
                                  > groeten Wim
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                  > [Non-text portions of this message have been removed]
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                  > Yahoo! Groups Links
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                  >
                                • Harry van Deelen
                                  Ik probeer het nog even. In ons mooie boekje Beschrijving der stad Groningen staat dat dat de regering van de stad Groningen en Ommelanden beide regeerden. Op
                                  Message 16 of 20 , Jan 6, 2005
                                  • 0 Attachment
                                    Ik probeer het nog even. In ons mooie boekje Beschrijving der stad Groningen staat dat dat de regering van de stad Groningen en Ommelanden beide regeerden.
                                    Op blz. 147 staat echt dat de Fransen in februari 1795 de Groninger muren binnen kwamen. De Groningers ondervonden drukkende inkwartiering. Ook werd het Stads Gilde- en Stapelrecht vernietigd. Deze rechten waren derhalve in handen van de Stadsregering en die van de Ommelanden. Door het gelijkheidsbeginsel t.a.v. de overheids jurisdictie die uiteindelijk door de Algemene Staten in Den Haag was besloten, werden rechten en plichten per 1749 gelijk gesteld. Op de Ommelanden betrekking hebbende zaken met betrekking tot gilden en stapelrecht moest altijd al met goedkeuring v.d. Stad Groningen geschieden. Derhalve wil ik ook nog wel twee bladzijden met ambachten intikken, maar je als je het niet wilt geloven is het niet echt zinvol. Beleefdheden waren toen niet de basis om de scholingstitel (minimaal 4 jaar opleiding en een proefstuk) van meester binnen een gilde aan het eerste de beste 'kleurpotlood' te geven. Ik denk dat men vanuit de Stad enorm had gegild, want daar was een enorme leerindustrie. Er waren wel 11 leerlooijerijen en dan de andere ambachten zoals voor het kleuren maar ook de zadelmakers, schoenmakers, karosmakers, meubelmakers, tas en koffermakers en zelfs boekbinders. Zelfs na de Franse tijd was het nog een importante industrie. Een ambachtsman in de Ommelanden moest zich zettelen en daarvoor werd een vergunning betaald aan het Gilde in Groningen. Was er iets niet juist dan had je vermoedelijk wel rechtbankstukken gevonden. Een Doopsgezinde zal vermoedelijk toen en nu niet zich snel zelf een titel aanmatigen die hem niet rechtens toekwam.
                                    Harry van Deelen
                                    ----- Original Message -----
                                    From: W.Wijngaarden
                                    To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                                    Sent: Thursday, January 06, 2005 12:40 PM
                                    Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak



                                    Ter attentie van Redmar Alma! ( bedankt voor je reactie )

                                    Als op het platteland geen gildenorganisatie bestond in 1750, enkel maar in
                                    de steden, moet ik dan concluderen dat Jan Pieters
                                    zijn vakopleiding voor schoenmaker bij zijn vader heeft gekregen? Van zijn
                                    Vader weet ik nog helemaal niets. Eenmaal in Friesland gekomen
                                    wordt hij wel regelmatig met meester schoenmaker aangesproken.
                                    groeten van Wim

                                    Aan Jan van Bolhuis zou ik het volgende willen voorleggen.
                                    .
                                    Bij zijn komst naar Oude Bildtzijl werd Jan Pieters Liefde Prediker voor de
                                    D. gezinde gemeente aldaar. Zou hij soms daarom de titel
                                    van meester schoenmaker gekregen hebben ( of zelf aangenomen ) als kwestie
                                    van aanzien voor de gemeente? Het is maar een
                                    idee van mij. Misschien heb ik de titel van meester wat te hoog
                                    ingeschat. Maar ja je probeert van alles om een stukje verder
                                    te komen met de gechiedenis van je voorvaderen. Ik wacht maar af wat je
                                    er van vind.

                                    gegroet van Wim

                                    ----- Original Message -----
                                    From: "W.Wijngaarden" <w.wijngaarden@...>
                                    To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                                    Sent: Sunday, January 02, 2005 9:27 PM
                                    Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak


                                    >
                                    > Hallo Harry,
                                    >
                                    > Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.
                                    >
                                    > Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de laatste tijd
                                    kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                                    > hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                                    > Jij hebt het in je laatste verhaal over een indemniteitsverklaring. Die
                                    heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                                    > van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.
                                    >
                                    > Aldus de Akte
                                    >
                                    > Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat Jan Pieters
                                    > schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                                    > "De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als Leedemaet
                                    behoorliek
                                    > heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een
                                    Doopstaatzij om te mogen
                                    > vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert worden, hebben
                                    wij
                                    > zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen. Aldus afgegeven
                                    >
                                    > Op dato Den 18 mayes 1750
                                    > Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                                    > Riender Jans als Diaken
                                    >
                                    >
                                    > Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling tot
                                    latere akten over deze Jan Pieters.
                                    > In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                                    > Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                                    > Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te komen over
                                    Jan Pieters via zijn vakopleiding
                                    > en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar is.
                                    >
                                    > groeten Wim
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >
                                    > [Non-text portions of this message have been removed]
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >
                                    > Yahoo! Groups Links
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >
                                    >






                                    ------------------------------------------------------------------------------
                                    Yahoo! Groups Links

                                    a.. To visit your group on the web, go to:
                                    http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/

                                    b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                                    groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com

                                    c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of Service.




                                    [Non-text portions of this message have been removed]
                                  • drentsarchief1903
                                    Beste Wim, Een Redmar ken ik niet, maar ik zal dit mailtje maar even namens hem of haar antwoorden.;-) In de Ommelanden was in die tijd inderdaad geen
                                    Message 17 of 20 , Jan 7, 2005
                                    • 0 Attachment
                                      Beste Wim,

                                      Een 'Redmar' ken ik niet, maar ik zal dit mailtje maar even namens
                                      hem of haar antwoorden.;-) In de Ommelanden was in die tijd inderdaad
                                      geen organisatie voor ambachten en de aanduiding 'meester' was aan
                                      het dagelijkse gebruik onderworpen. Aanzienlijke ambachtslieden
                                      zullen dus eerder met zo'n aanduiding gevonden worden (zoals bijv. in
                                      dit geval dat hij ook doopsgezind vermaner was). Verder is het sterk
                                      afhankelijk van streek, dorp en de predikant (of iemand anders) die
                                      de naam noteert. Vandaar dat je in sommige DTB de aanduiding
                                      regelmatig tegenkomt en in andere nooit. Als eenzelfde schrijver
                                      sommige personen wel altijd als 'meester' aanduidt en andere nooit,
                                      is het dus niet onwaarschijnlijk dat eerstgenoemden meer status
                                      genoten in de gemeenschap (of in elk geval in de ogen van de
                                      schrijver). Het is allemaal wat wollig, maar, zoals gezegd, in die
                                      tijd was er in de Ommelanden geen toelatingsexamen, zoals in de stad
                                      Groningen.

                                      Groeten,
                                      Redmer (met twee e's)

                                      --- In groningen-genealogy@yahoogroups.com, "W.Wijngaarden"
                                      <w.wijngaarden@h...> wrote:
                                      >
                                      > Ter attentie van Redmar Alma! ( bedankt voor je reactie )
                                      >
                                      > Als op het platteland geen gildenorganisatie bestond in 1750, enkel
                                      maar in
                                      > de steden, moet ik dan concluderen dat Jan Pieters
                                      > zijn vakopleiding voor schoenmaker bij zijn vader heeft gekregen?
                                      Van zijn
                                      > Vader weet ik nog helemaal niets. Eenmaal in Friesland gekomen
                                      > wordt hij wel regelmatig met meester schoenmaker aangesproken.
                                      > groeten van Wim
                                      >
                                      > Aan Jan van Bolhuis zou ik het volgende willen voorleggen.
                                      > .
                                      > Bij zijn komst naar Oude Bildtzijl werd Jan Pieters Liefde Prediker
                                      voor de
                                      > D. gezinde gemeente aldaar. Zou hij soms daarom de titel
                                      > van meester schoenmaker gekregen hebben ( of zelf aangenomen ) als
                                      kwestie
                                      > van aanzien voor de gemeente? Het is maar een
                                      > idee van mij. Misschien heb ik de titel van meester wat te hoog
                                      > ingeschat. Maar ja je probeert van alles om een stukje verder
                                      > te komen met de gechiedenis van je voorvaderen. Ik wacht maar
                                      af wat je
                                      > er van vind.
                                      >
                                      > gegroet van Wim
                                      >
                                      > ----- Original Message -----
                                      > From: "W.Wijngaarden" <w.wijngaarden@h...>
                                      > To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                                      > Sent: Sunday, January 02, 2005 9:27 PM
                                      > Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                                      >
                                      >
                                      > >
                                      > > Hallo Harry,
                                      > >
                                      > > Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.
                                      > >
                                      > > Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de
                                      laatste tijd
                                      > kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                                      > > hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                                      > > Jij hebt het in je laatste verhaal over een
                                      indemniteitsverklaring. Die
                                      > heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                                      > > van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.
                                      > >
                                      > > Aldus de Akte
                                      > >
                                      > > Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat Jan
                                      Pieters
                                      > > schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                                      > > "De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als
                                      Leedemaet
                                      > behoorliek
                                      > > heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een
                                      > Doopstaatzij om te mogen
                                      > > vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert worden,
                                      hebben
                                      > wij
                                      > > zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen. Aldus
                                      afgegeven
                                      > >
                                      > > Op dato Den 18 mayes 1750
                                      > > Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                                      > > Riender Jans als Diaken
                                      > >
                                      > >
                                      > > Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling
                                      tot
                                      > latere akten over deze Jan Pieters.
                                      > > In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                                      > > Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                                      > > Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te
                                      komen over
                                      > Jan Pieters via zijn vakopleiding
                                      > > en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar is.
                                      > >
                                      > > groeten Wim
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > > [Non-text portions of this message have been removed]
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > > Yahoo! Groups Links
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                      > >
                                    • drentsarchief1903
                                      Beste Harry, Het gild- en stapelrecht raakte de handel van Ommelanders met de rest van de wereld en het feit dat de stad Groningen dit recht pretendeerde (en
                                      Message 18 of 20 , Jan 7, 2005
                                      • 0 Attachment
                                        Beste Harry,

                                        Het gild- en stapelrecht raakte de handel van Ommelanders met de rest
                                        van de wereld en het feit dat de stad Groningen dit recht
                                        pretendeerde (en uiteindelijk in de volle omvang maar ten onrechte
                                        erkend heeft gekregen) had tot gevolg dat Ommelanders geen goederen
                                        mochten verhandelen zonder dat die eerst in Groningen ter markt
                                        werden gebracht. Dat betekende echter niet dat schoenmakers hun
                                        schoenen ook eerst naar de stad moesten brengen; lokaal werd
                                        natuurlijk brood gebakken en schoen gelapt zonder ingrijpen. Hoe die
                                        situatie in het eind van de 18de eeuw is veranderd, weet ik overigens
                                        niet, maar ik blijf erbij dat de 'meester'-aanduiding geen formeel
                                        geregelde toelating kende (tenzij er natuurlijk bronnen voor het
                                        tegendeel zijn, dan ben ik makkelijk van het tegendeel te overtuigen).

                                        Groeten,
                                        Redmer

                                        --- In groningen-genealogy@yahoogroups.com, "Harry van Deelen"
                                        <aa.vandeelen@q...> wrote:
                                        > Ik probeer het nog even. In ons mooie boekje Beschrijving der stad
                                        Groningen staat dat dat de regering van de stad Groningen en
                                        Ommelanden beide regeerden.
                                        > Op blz. 147 staat echt dat de Fransen in februari 1795 de Groninger
                                        muren binnen kwamen. De Groningers ondervonden drukkende
                                        inkwartiering. Ook werd het Stads Gilde- en Stapelrecht vernietigd.
                                        Deze rechten waren derhalve in handen van de Stadsregering en die van
                                        de Ommelanden. Door het gelijkheidsbeginsel t.a.v. de overheids
                                        jurisdictie die uiteindelijk door de Algemene Staten in Den Haag was
                                        besloten, werden rechten en plichten per 1749 gelijk gesteld. Op de
                                        Ommelanden betrekking hebbende zaken met betrekking tot gilden en
                                        stapelrecht moest altijd al met goedkeuring v.d. Stad Groningen
                                        geschieden. Derhalve wil ik ook nog wel twee bladzijden met ambachten
                                        intikken, maar je als je het niet wilt geloven is het niet echt
                                        zinvol. Beleefdheden waren toen niet de basis om de scholingstitel
                                        (minimaal 4 jaar opleiding en een proefstuk) van meester binnen een
                                        gilde aan het eerste de beste 'kleurpotlood' te geven. Ik denk dat
                                        men vanuit de Stad enorm had gegild, want daar was een enorme
                                        leerindustrie. Er waren wel 11 leerlooijerijen en dan de andere
                                        ambachten zoals voor het kleuren maar ook de zadelmakers,
                                        schoenmakers, karosmakers, meubelmakers, tas en koffermakers en zelfs
                                        boekbinders. Zelfs na de Franse tijd was het nog een importante
                                        industrie. Een ambachtsman in de Ommelanden moest zich zettelen en
                                        daarvoor werd een vergunning betaald aan het Gilde in Groningen. Was
                                        er iets niet juist dan had je vermoedelijk wel rechtbankstukken
                                        gevonden. Een Doopsgezinde zal vermoedelijk toen en nu niet zich snel
                                        zelf een titel aanmatigen die hem niet rechtens toekwam.
                                        > Harry van Deelen
                                        > ----- Original Message -----
                                        > From: W.Wijngaarden
                                        > To: groningen-genealogy@yahoogroups.com
                                        > Sent: Thursday, January 06, 2005 12:40 PM
                                        > Subject: Re: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                                        >
                                        >
                                        >
                                        > Ter attentie van Redmar Alma! ( bedankt voor je reactie )
                                        >
                                        > Als op het platteland geen gildenorganisatie bestond in 1750,
                                        enkel maar in
                                        > de steden, moet ik dan concluderen dat Jan Pieters
                                        > zijn vakopleiding voor schoenmaker bij zijn vader heeft gekregen?
                                        Van zijn
                                        > Vader weet ik nog helemaal niets. Eenmaal in Friesland gekomen
                                        > wordt hij wel regelmatig met meester schoenmaker aangesproken.
                                        > groeten van Wim
                                        >
                                        > Aan Jan van Bolhuis zou ik het volgende willen voorleggen.
                                        > .
                                        > Bij zijn komst naar Oude Bildtzijl werd Jan Pieters Liefde
                                        Prediker voor de
                                        > D. gezinde gemeente aldaar. Zou hij soms daarom de titel
                                        > van meester schoenmaker gekregen hebben ( of zelf aangenomen )
                                        als kwestie
                                        > van aanzien voor de gemeente? Het is maar een
                                        > idee van mij. Misschien heb ik de titel van meester wat te
                                        hoog
                                        > ingeschat. Maar ja je probeert van alles om een stukje verder
                                        > te komen met de gechiedenis van je voorvaderen. Ik wacht maar
                                        af wat je
                                        > er van vind.
                                        >
                                        > gegroet van Wim
                                        >
                                        > ----- Original Message -----
                                        > From: "W.Wijngaarden" <w.wijngaarden@h...>
                                        > To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                                        > Sent: Sunday, January 02, 2005 9:27 PM
                                        > Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                                        >
                                        >
                                        > >
                                        > > Hallo Harry,
                                        > >
                                        > > Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.
                                        > >
                                        > > Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de
                                        laatste tijd
                                        > kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                                        > > hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                                        > > Jij hebt het in je laatste verhaal over een
                                        indemniteitsverklaring. Die
                                        > heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                                        > > van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.
                                        > >
                                        > > Aldus de Akte
                                        > >
                                        > > Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat
                                        Jan Pieters
                                        > > schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                                        > > "De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als
                                        Leedemaet
                                        > behoorliek
                                        > > heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een
                                        > Doopstaatzij om te mogen
                                        > > vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert
                                        worden, hebben
                                        > wij
                                        > > zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen.
                                        Aldus afgegeven
                                        > >
                                        > > Op dato Den 18 mayes 1750
                                        > > Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                                        > > Riender Jans als Diaken
                                        > >
                                        > >
                                        > > Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling
                                        tot
                                        > latere akten over deze Jan Pieters.
                                        > > In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                                        > > Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                                        > > Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te
                                        komen over
                                        > Jan Pieters via zijn vakopleiding
                                        > > en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar
                                        is.
                                        > >
                                        > > groeten Wim
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > > [Non-text portions of this message have been removed]
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > > Yahoo! Groups Links
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        > >
                                        >
                                        >
                                        >
                                        >
                                        >
                                        >
                                        > --------------------------------------------------------------------
                                        ----------
                                        > Yahoo! Groups Links
                                        >
                                        > a.. To visit your group on the web, go to:
                                        > http://groups.yahoo.com/group/groningen-genealogy/
                                        >
                                        > b.. To unsubscribe from this group, send an email to:
                                        > groningen-genealogy-unsubscribe@yahoogroups.com
                                        >
                                        > c.. Your use of Yahoo! Groups is subject to the Yahoo! Terms of
                                        Service.
                                        >
                                        >
                                        >
                                        >
                                        > [Non-text portions of this message have been removed]
                                      • J. van Bolhuis
                                        Beste Wim, Ik zie net je bericht, maar denk dat Redmer en passant de vraag die je mij voorlegt al heeft beantwoord. Verder bedacht ik nog dat Oude Bildtzijl
                                        Message 19 of 20 , Jan 7, 2005
                                        • 0 Attachment
                                          Beste Wim,

                                          Ik zie net je bericht, maar denk dat Redmer en passant de vraag die je
                                          mij voorlegt al heeft beantwoord.
                                          Verder bedacht ik nog dat Oude Bildtzijl wel in Friesland zal liggen. Ik
                                          weet niet precies hoe daar de situatie met gilden was, maar ik vermoed
                                          dat gilden, die in mijn beleving toch vooral stedelijke organisaties
                                          zijn, ook daar niet voorkwamen op het platteland.

                                          Met vriendelijke groet,
                                          Jan van Bolhuis

                                          W.Wijngaarden wrote:

                                          >Ter attentie van Redmar Alma! ( bedankt voor je reactie )
                                          >
                                          >Als op het platteland geen gildenorganisatie bestond in 1750, enkel maar in
                                          >de steden, moet ik dan concluderen dat Jan Pieters
                                          >zijn vakopleiding voor schoenmaker bij zijn vader heeft gekregen? Van zijn
                                          >Vader weet ik nog helemaal niets. Eenmaal in Friesland gekomen
                                          >wordt hij wel regelmatig met meester schoenmaker aangesproken.
                                          >groeten van Wim
                                          >
                                          >Aan Jan van Bolhuis zou ik het volgende willen voorleggen.
                                          >.
                                          >Bij zijn komst naar Oude Bildtzijl werd Jan Pieters Liefde Prediker voor de
                                          >D. gezinde gemeente aldaar. Zou hij soms daarom de titel
                                          >van meester schoenmaker gekregen hebben ( of zelf aangenomen ) als kwestie
                                          >van aanzien voor de gemeente? Het is maar een
                                          >idee van mij. Misschien heb ik de titel van meester wat te hoog
                                          >ingeschat. Maar ja je probeert van alles om een stukje verder
                                          >te komen met de gechiedenis van je voorvaderen. Ik wacht maar af wat je
                                          >er van vind.
                                          >
                                          >gegroet van Wim
                                          >
                                          >----- Original Message -----
                                          >From: "W.Wijngaarden" <w.wijngaarden@...>
                                          >To: <groningen-genealogy@yahoogroups.com>
                                          >Sent: Sunday, January 02, 2005 9:27 PM
                                          >Subject: [groningen-genealogy] schoenmakersvak
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >> Hallo Harry,
                                          >>
                                          >>Een voorspoedig 2005 toegewenst aan alle clubleden.
                                          >>
                                          >>Door de vele bijdragen over het schoenmakersgilde, die ik de laatste tijd
                                          >>
                                          >>
                                          >kreeg, heb ik mij een goed idee gevormd
                                          >
                                          >
                                          >>hoe destijds het Gildenwezen heeft gefunctioneerd.
                                          >>Jij hebt het in je laatste verhaal over een indemniteitsverklaring. Die
                                          >>
                                          >>
                                          >heb ik gevonden bij de overstap van "Jan Pieters"
                                          >
                                          >
                                          >> van Pieterzijl naar Oude Bildtzijl. Deze luidt als volgt.
                                          >>
                                          >> Aldus de Akte
                                          >>
                                          >>Wij Ondergeschreven bekennen en verklaren, Door deze als dat Jan Pieters
                                          >>schoenmaker in onze gemeente der Doopsgezinde van
                                          >>"De Waard in Pieterzijl " op zijn belijdenis is gedoopt en als Leedemaet
                                          >>
                                          >>
                                          >behoorliek
                                          >
                                          >
                                          >>heeft geleeft en gedragen tot genoegen, verzoekende hiervan een
                                          >>
                                          >>
                                          >Doopstaatzij om te mogen
                                          >
                                          >
                                          >>vertrekken tot genoegen. Daar de zelve moghte gevordert worden, hebben
                                          >>
                                          >>
                                          >wij
                                          >
                                          >
                                          >>zulks niet mogen weijgeren om te vertrekken tot genoegen. Aldus afgegeven
                                          >>
                                          >>Op dato Den 18 mayes 1750
                                          >>Jacob Sijmons , Als Leeraar op Pieterszijl
                                          >>Riender Jans als Diaken
                                          >>
                                          >>
                                          >>Hierin wordt de meester- titel niet genoemd, in tegenstelling tot
                                          >>
                                          >>
                                          >latere akten over deze Jan Pieters.
                                          >
                                          >
                                          >>In Oude Bildtzijl spreekt men over Meester schoenmaker.
                                          >>Verder merk ik op dat hij voordien nog niet getrouwd was.
                                          >>Nu wacht ik maar eens af of mijn theorie om meer te weten te komen over
                                          >>
                                          >>
                                          >Jan Pieters via zijn vakopleiding
                                          >
                                          >
                                          >>en het schoenmakers gilde juist blijkt te zijn en uitvoerbaar is.
                                          >>
                                          >>groeten Wim
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>[Non-text portions of this message have been removed]
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>Yahoo! Groups Links
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >>
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >Yahoo! Groups Links
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                          >
                                        • W.Wijngaarden
                                          Beste Redmer, Wat fijn dat je ondanks een letterfoutje van mij toch begrepen hebt dat ik contact met je zocht over je bijdragen aan het schoenmakersvak .
                                          Message 20 of 20 , Jan 10, 2005
                                          • 0 Attachment
                                            Beste Redmer,

                                            Wat fijn dat je ondanks een " letterfoutje" van mij toch begrepen hebt dat ik contact met je zocht
                                            over je bijdragen aan"het schoenmakersvak ". Hierbij mijn welgemeende excuus !
                                            Door Je tekst ( 7 januari) en die van Harry, kom ik tot de volgende conclusie:
                                            Jan Pieters heeft het schoenmakersvak waarschijnlijk van zijn vader geleerd maar is daartoe niet
                                            bij een Gilden organisatie in de Groningse Ommelanden aangesloten geweest. De ambachts Gilden
                                            waren hoofdzakelijk in de stad Groningen gevestigd en niet op het platte land.
                                            Omdat de Gilde boeken van de stad Groningen destijds vernietigd zijn, hoef ik in die richting niet
                                            te zoeken.
                                            Om dat Jan Pieters in 1750 naar Oude Bildtzijl verhuisde, zou het wel eens kunnen zijn dat hij zijn
                                            meesterstuk in Friesland heeft afgelegd. Omdat hij ook Liefde Prediker voor de D. gezindekerk aldaar
                                            werd ( A- kerk ) moeten we hem als een serieus persoon aanmerken. Ik denk dat ik de blik wat meer
                                            naar Friesland moet richten b.v. aan Leeuwarden. Ik neem dan aan dat het Gildenwezen zich ook daar
                                            hoofdzakelijk in de grote steden afspeelde. De meester-titel wordt in akten van deze
                                            Jan Pieters in Friesland wel vermeld. O.a. in de Hypotheek akten van de Nedergeregten van 't Bildt.
                                            En dat zijn gerechtelijke stukken en in proclamatieboeken. Wij richten de blik nu eerst op Friesland.
                                            Voor zover, dank ik je voor je bijdragen.

                                            groeten Wim

                                            [Non-text portions of this message have been removed]
                                          Your message has been successfully submitted and would be delivered to recipients shortly.